**KLAAR**                Karperpassie 42

Karperpassie 42

door Co Sielhorst

                       

15 juni 2002.
Het weer is te mooi om waar te zijn. De hele week al. Een prettig westenwindje. Soms wat zon. West betekent dat de wind op het slootje staat. Daar heb ik grote vissen gevangen.





Kan me de grote rondvaart van twee jaar terug nog goed herinneren. Een stevig kwartier op sleeptouw genomen door een grote vis. De tour eindigde in een plompenveld. Daar kon ik de kale haak tussen de stengels uit vissen. De vis was dus verdwenen. Ik heb er een glimp van gezien. Ik weet gewoon dat het één van de grootste vissen is die ik zelf ooit gezien heb.

Het is een vrij kale stek. In het water groeit helemaal niets. Als het water in de polder stijgt komt het bruine drabbige water hier de plas binnen stromen. Via deze weg komt er natuurlijk nog veel meer binnen. Brasem en voorn paait in het ondiepe stelsel van slootjes af. Het water is hier in het voorjaar en het begin van de zomer helemaal verzadigd van visbroed. Nu zijn het wolken vis van nog geen centimeter lang. Hier ligt ook het omschakelpunt voor baars. Als ze aan het eten van vis toe zijn laten ze zich aan deze goed gedekte tafel regelmatig zien. De wolken kikkervisjes zijn al stevig uitgedund. Wat er nog van over is krijgt nu pootjes en verliest het staartje. Ook karpers profiteren volop van dit voedzame dieet. Soms is het zelfs moeilijk om de vissen voor andere zaken te interesseren in deze tijd van het jaar.

Zaterdag.
Ik lig wat om me heen te kijken. Het is half vier. Heb ik eigenlijk wel geslapen? Ik spring er uit. Voor het licht is wil ik op de plas zijn. Voor het grote plompenveld ga ik een bodempje leggen waar ik straks op terug kom. Een halve emmer tarwe met rode dari. Voor de grap heb ik er ook een paar handen rozijnen door gemengd. Dan ga ik verder naar het slootje. Hier strooi ik een kilo miniboilies rond. Onder het voeren zie ik net voor de wind het weg kan frommelen dat er een vis in de kant zit. Eens kijken of ik hier iets mee kan. Er zit een nieuwe zak kattenbrokken in de tas. Om de paar minuten laat ik een hand brokken naast de boot vallen. Zo ontstaat er een langgerekte streep brokjes.

Een kwartiertje later komt er reactie. Voorzichtig begint er een graskarper te azen. Regelmatig zie ik lippen tussen en tegen het gras. Een aantal graskarpers begint het spoortje te volgen en komt heel dicht bij de boot. Er zijn nu vijf vissen aan het happen. Boven de donkere bodem zijn ze haast niet te zien. Alleen als ze nerveus langs de oppervlakte bewegen of met hun bek boven water komen zijn ze te zien. Van links komt grote houtduif mijn gezichtsveld binnen glijden. Hij komt in zijn glijvlucht over de vissen heen. Het water ontploft. Ach die zijn zo weer terug.

Dat valt dus tegen. Zeker een uur lang niets meer gezien. Ik ga even in de bomenhoek kijken. Moet iets uitproberen. Ik heb een vliegenhengel bij me. Het plan ligt al een poosje op de plank. Nu is alles er klaar voor. Hengel voor een negen lijn. Grote reel met honderd meter reserve achter de vliegenlijn. Harige imitatie van…. Tja, van wat eigenlijk? Het lijkt nog het meest op een wilgenkatje. Ik ga eerst kijken of ik weer een paar actieve graskarpers kan vinden. Of ze dat geval van mij willen pakken zie ik vanzelf.

Ik leg de boot niet vast. Kijk gewoon waar de wind me brengt. Bij het aanvaren heb ik al wat brokjes gestrooid. De hoek ligt uit de wind. Toch drijven takjes en pluisjes in een grote cirkel met de klok mee. De brokjes gaan ook die kant op en komen vrij ver uit de kant terecht. Plotseling is er vlak voor me een vis aan het happen. Het is een schubkarper. Hij gaat tekeer als een dolle. Rug ver uit het water. Luid slurpend pikt hij in hoog tempo alle brokjes op. Ik ben hem even kwijt. Dan zie ik hem snel voor de plompen langs zwemmen. Hij lijkt de oppervlakte in zich op te nemen. Dan vanaf de andere kant die rug weer uit het water. Snel verdwijnt het grootste deel van de brokjes weer.

Nerveus zet ik de vliegenhengel in elkaar. Knoop een harig geval aan dat even heeft liggen weken in een bekertje met kattenbrokken. Wat van dezelfde geur kan helemaal geen kwaad.
Van de kant af valt hier niet te werpen. Ik heb achter me net zoveel ruimte nodig als ik voor me denk te gaan halen. Een echte vliegvisser lost zoiets op met een rolworp. Ik moet nog even oefenen. Nu ik de ruimte heb zie ik dat ik de hele lijn op het water krijg. Niet slecht voor de eerste keer met deze combinatie. Door de wind pakt een worp wel eens verkeerd uit. Slaat die haak ineens in mijn rug en hangt die felgele waslijn weer om mijn nek. Die techniek komt best wel goed. Ik ben niet ontevreden. Nu ga ik proberen om in de hoek te komen. Een paar slagen roeien en ik gooi tegen de rand van het blad. Die karper is allang verdwenen. Ik heb veel te lang zitten tobben met optuigen en proefworpen maken. Onder de kant zijn nog wat graskarpers aan het azen. Ze pikken alles op wat er ligt. Aanmoedigen met brokken is dus niet echt noodzaak. Alleen karpers zie ik hier zelden aan de oppervlakte. Die mogen wel een duwtje in de rug hebben. Eerlijk gezegd heb ik alleen rekening gehouden met graskarper op de vliegenhengel. Ik zie echter vandaag hoe snel er toch een karper onder de brokken zit. Volgende keer iets beter voorbereiden. Gaat leuk worden.

Het wordt tijd voor de voerstek bij het grote plompenveld. Voorzichtig loods ik de boot door de bladeren. Ik zorg dat ik de wind in de rug heb. Het gaat steeds harder waaien. Goed vast leggen dus anders gaat er van alles hinderlijk bewegen. Ik leg er een wakerhengel bij. Ik wil ook op wat dieper water vissen. Ik heb gevoerd vanaf de planten tot een tiental meters er buiten. Binnen een paar minuten slaat de wakerhengel ineens krom. Als een vuurpijl gaat de vis er vandoor. Er volgt een leuke dril maar het wordt lang niet zo leuk als vorige week toen ik er een in zijn staart haakte. Hij moet even de boot in. De haak zit achter zijn bovenlip. Gelukkig blijft hij er rustig onder. Met sierlijke bewegingen zwemt hij even later langs de ondiepe kant weg. Ik kan hem tientallen meters volgen.

Het pennetje heb ik vandaag nog niet zien bewegen. Goed dat ik de andere hengels bij me heb. Later bedenk ik dat die andere hengels er juist de oorzaak van zijn. Ik maak me er verder niet druk om. Het is natuurlijk prachtig dat ik met de vliegenhengel al zover gekomen ben vandaag. Is een dertiger met de vlieg een gekke gedachte?  

ANDEREN LAZEN OOK

image description
KarperPassie 243
Total Fishing Import -
image description
KarperPassie 280
Total Fishing Import -
image description
KarperPassie 279
Total Fishing Import -