Waar moet je op letten bij de                 aanschaf van een karperhengel?

Waar moet je op letten bij de aanschaf van een karperhengel?

door Dick Langhenkel

Karperhengels zijn er in vele maten en uitvoeringen. Als je er geen verstand van hebt dan loop je al snel het risico dat je met de verkeerde hengels thuis komt. Ik geef regelmatig materiaal voorlichting in een van de winkels van Raven en daarbij is het me op gevallen dat er een categorie sportvissers is die met alle geweld met de verkeerde hengels naar huis willen gaan. Die categorie zal deze site van Total Fishing niet opzoeken, ik zal dan ook geen moeite doen om hen te overtuigen.


Ik kom ook mensen tegen, sommigen schrijven me, anderen bellen me, die serieus verlangen om meer inzicht in deze materie te krijgen. Ze hebben daar drie gegronde redenen voor: ze worden kleurenblind en gek van het grote aanbod aan hengels, ze willen niet afhankelijk zijn van welke verkoper dan ook en ze willen een verkoper door eigen kennis kunnen toetsen! Als u dit aanspreekt, lees dan verder en ik hoop u niet teleur te stellen!


“De aanschaf van een verkeerde hengel betekent ook slechte resultaten” Twee categorieën.
Het oerwoud van karperhengels kunt u zo al opsplitsen in twee categorieën, namelijk de afstandhengels en de penhengels. De afstandhengels zijn bedoeld voor de passieve visserij op afstand en de penhengels voor de actieve visserij. De aanpak van de ene visserij is zo verschillend van de andere dat daar totaal verschillende hengels voor ontworpen zijn. Je kunt dus niet een penhengel kopen en daar dan mee op afstand gaan vissen. Wie dat toch doet, vraagt om problemen. Ik zal een paar verschillen op een rijtje zetten, zodat het onderscheid u helder voor ogen staat. Bij de afstand visserij moet de hengel in staat zijn om zwaar lood, vaak tachtig gram of meer, zo ver mogelijk kunnen werpen. Het moeten dus echte werpkanonnen zijn die afstanden van zestig tot honderd meter moeiteloos kunnen overbruggen. Als een verkoper u zegt dat u met een hengel moeiteloos honderdtwintig meter gooit, loop dan maar de winkel uit, want de stakker weet niet waar hij het over heeft. Honderd meter werpen is een gigantisch eind, bij honderd twintig meter ligt denk ik de absolute grens die alleen gehaald wordt met top materiaal in optimale omstandigheden. Probeer maar eens het Twentekanaal over te gooien en dat is ‘maar’ zeventig meter breed. Wie verder dan honderd meter uit de oever wil vissen, roeit zijn aas gewoon uit. Hij weet dan zeker dat het aas er nog aan zit en dat het op de goede plek ligt. Daarmee stippen we meteen een tweede eigenschap van afstandhengels aan, namelijk dat een dergelijk stok ook in staat moet zijn om de haak over een grote afstand vast te zetten in een karperbek. Daar heeft een dergelijke hengel een bepaalde ruggengraat voor nodig! Dan moet zo’n hengel ook nog de eigenschappen bezitten om een grote vis, goed te kunnen afdrillen, voor dit laatste is een progressieve buiging nodig, dat betekent heel eenvoudig dat naarmate de spanning toeneemt, de hengel van uit de top gelijkmatig doorbuigt tot in het handvat en uiteindelijk onder de zwaarste belasting die deze hengel hebben kan, een kwart cirkel vormt! Is zo’n hengel achterin te stijf, of in het midden te zacht, dan heeft een dergelijke hengel een breekpunt dat of in de hengel of in de lijn tot uitdrukking komt! Nu kan ik nog iets uitleggen, waar grote verwarring over bestaat en dat is het onderscheidt tussen de actie en de buiging van een hengel.

Actie en Buiging.
Deze twee eigenschappen van een hengel worden vaak door elkaar gehaspeld, zelfs in artikelen halen sommige schrijvers dit door elkaar, tot schade van hen die hengels willen beoordelen en kopen. Wat is de actie van een hengel en wat is de buiging van een hengel? De actie van een hengel is niets anders dan de snelheid, waarmee de hengel van uit zijn gebogen toestand weer recht schiet. De buiging is niets anders dan de vorm die de hengel aanneemt onder spanning!
Eerst iets over de actie. Stel, u heeft een karperhengel van 3.60 m., dat is een twaalf voets hengel, en u buigt deze rond in een kwart cirkel, dat is dus onder zijn maximale belasting en u laat dan de top los, dan schiet de hengel b.v in een halve seconde recht. Die halve seconde is de snelheid en dus de actie van de hengel! Maar…nu komt het, die actie is ook een kracht! Laat iemand anders die hengel maar eens buigen en vasthouden en houd u uw hand maar eens boven de rechtschietende hengel, de klap die u dan tegen uw hand krijgt is die kracht! En de pijn die u nu voelt vertelt u dat het een enorme kracht is! Voer het experiment maar niet uit met een beetje zware hengel, want dan moet u zeker naar de dokter. Het is die onzichtbare kracht, die we actie noemen, die de hoofdrol speelt bij het werpen en het zetten van de haak! Een fabrikant van blanks, dat is de kale hengelstok, kan op verschillende manieren de actie vertragen of verhogen in zijn product. De twee belangrijkste voorwaarden waar hij mee werkt, zijn de wanddikte en de tapering. De wanddikte van de blank spreekt voor zich, met de tapering van de blank bedoelen we het verloop, vanuit de top, van dun naar dik! Hoe groter dit verloop van dun naar dik in combinatie met een dunne wanddikte, hoe sneller de actie! In de basis heb je dan een echt werpkanon, maar je aas zal er niet aan blijven zitten en de buiging laat alles te wensen over. Bij het zetten van de haak sla je door de hoge actie, die immer ook een kracht is, de bek van de vis kapot en bij een zware vis voel je niets, maar is wel je lijn gebroken. Hier treedt het bezemsteel principe in werking! Kijk maar! U neemt een bezemsteel, met een stevig stuk touw en bind daar een steen aan. U slaat nu snel omhoog en voelt de steen nauwelijks, maar het touw is wel gebroken. Hoe komt dat? Die stijve bezemsteel heeft een supersnelle actie en dus een zeer hoge contra kracht. U slaat,...de bezemsteel buigt misschien een millimeter door, de zeer snelle actie, als contrakracht buigt hem even snel weer recht, het is nu die contrakracht die het touw doet breken. Hoe harder u tikt hoe minder u de steen voelt. Dit zelfde principe zet u in werking als u een karperhengel koopt met een te snelle actie. Hengels met veel tapering, een dunne wanddikte en dus een zeer snelle actie, mogen dan goed werpen, maar bij het zetten van de haak en het heel houden van lijn en vis, werkt die zelfde kracht weer tegen ons, derhalve zijn dergelijke hengels niet geschikt voor onze visserij.


“De auteur is nog steeds blij met iedere vis die hij vangt”

Verlies ook de buiging niet uit het oog, blanks met een dunne wand en veel tapering missen de zogenaamde progressieve buiging. Ze buigen snel in de top, maar dichter naar het handvat worden ze steeds stijver, ook daarom zijn ze absoluut ongeschikt voor onze visserij. Deze principes gelden zowel voor de afstand hengels als voor de penhengels! Onze belangstelling gaat dan ook uit naar blanks met een dikke wand en weinig tapering! Deze blanks hebben een tragere actie, maar door hun wanddikte, voldoende massa, d.i. eigen gewicht, die ook weer een kracht vormt, om toch goed te kunnen werpen en de haak te kunnen zetten. Van dergelijke blanks is de buiging, die bij de dril de hoofdrol speelt, optimaal progressief! Bij de aanschaf van een karperhengel, weet u nu waarom u moet kijken naar de wanddikte en de tapering. (wordt vervolgd)