**KLAAR**              Nederlandse                 jerkbaits

Nederlandse jerkbaits

door Henk Rusman

Zoals het u wellicht niet is ontgaan, is het vissen met jerkbaits in korte tijd een bijzonder populaire manier van kunstaasvissen geworden. Zelfs zo populair dat een aantal Nederlandse vissers het zelf maken van jerkbaits tot een ware kunst heeft verheven. Henk Rusman stelt enkele van deze jerkbaits aan u voor.

                       


“Een van de grootste snoeken die Henk Rusman ooit zag: een vis van 131,5 centimeter die door Hans Wowijs op een Torob, een jerkbait van Nederlandse makelij, werd gevangen.”

Sommige Nederlandse jerkbaitbouwers genieten ondertussen tot ver over de grens bekendheid. Dat komt niet alleen omdat die Nederlandse producten origineel zijn, maar ook omdat ze deugen en er een hoop vis mee is te vangen. Wie heeft inmiddels nog niet gehoord van Halve Liters, Torobs en Dr. Dré’s? Andere namen misschien? Er zijn er genoeg! Wat dacht u van Bulletjes, Booners, Sliders en Fatso’s? Maar die laatste wordt toch in Polen gefabriceerd? Klopt, daar hebt u gelijk in. Maar deze producten zijn wel voor een groot deel ontwikkeld en getest door Nederlanders. Het vissen met jerbaits is inmiddels niet meer weg te denken en volledig ingeburgerd.

Toch was er ooit een tijd - en dat is niet eens zo lang geleden - dat er niemand in dit lage landje was die iets zinnigs over het vissen met jekrbaits wist te vertellen. Laat staan iemand die er ook echt ervaring mee had. Mijn eerste kennismaking met jerkbaitvissen vond dan ook niet aan de waterkant plaats, maar gezellig met een aantal maten voor de beeldbuis. Rob Blom, snoekbaarspionier van huis uit, had ons uitgenodigd om een paar Amerikaanse video’s te komen bekijken. De video’s gingen, hoe kan het ook anders met Rob, over het verticalen op walleyes. Als uitsmijter had Rob echter ook nog een band over het vissen op muskies. En het was deze band waarop de techniek van het jerkbaitvissen werd getoond en die een enorme indruk op mij maakte. Door deze videoband besefte ik plotseling welke geweldige mogelijkheden wij jarenlang hadden laten liggen. Ik besefte dat deze techniek wel eens berengoed voor snoek zo kunnen werken.

De tijd verstreek, maar de muskies en jerkbaits bleven door mijn hoofd spoken. Het liet me niet meer los. Dat ik ooit muskies zou vangen, dat was toen al zeker. Maar die verdraaide jerkbaittechniek, die moest en zou ik eerst onder de knie moeten krijgen. Het duurde dan ook niet lang voordat ik via via twee jerkbaits in Amerika bestelde. Een knoert van een Eddy Bait en een 6 inch Cobb’s jerkbait. Na een week of wat arriveerde het spul en ik kan u verzekeren dat ik zeer behoorlijk schok van de afmetingen. Jemig, wat een heipalen waren dat! Op een klein watertje, waar ik niet werd gezien door andere vissers die me anders voor gek zouden verklaren, werden beide jerkbaits uitgetest. Omdat ik niet beter wist en ook niets anders had, leek een zware, 2,70 meter lange baitcaster mij het meest geschikt om deze zware jongens te jerken. Een misvatting van de eerste orde.

Met een onderhands worpje ging eerst de Eddy Baitt te water. Hoe ik dat ding ook jerkte, twitchte, pulde of ramde, ik kreeg er geen actie in. Teleurgesteld en balend verwisselde ik de Eddy voor de Cobb’s. Weer een onderhands worpje, een korte tik met de hengel en… actie. Ja verdraaid nog aan toe, actie! Die doet het! Weer een volgende tik en ... niets, helemaal niets. Geen actie! Zou dat kunnen komen omdat dat ding in mijn onderlijn is gelopen? Zouden die Yankees daarom met van die stangen voor een jerkbait vissen? Nog maar eens opnieuw beginnen, opnieuw proberen. Een worp, een tik… Verdorie, nu tik ik weer met de top van de hengel in het water. Zou mijn hengel toch te lang zijn? Een worp, een tik en een jerkbait die van links naar rechts door het water schiet. Een volgende tik. Niets. Weer geen actie. Timing verkeerd? Wat doe ik in godsnaam allemaal verkeerd?

Zo stond ik daar geregeld aan dat watertje met vragen en nog eens vragen waar niemand mij antwoord op kon geven. Er was immers niemand die tegen mij zei: “Hé, Henk, dat moet je zus en zo doen”. Langzaam maar zeker kwam ik toch op de goede weg, omdat deze visserij mij mateloos intrigeerde en boeide. Natuurlijk probeerde ik ook alles wat met jerkbaits en muskies te maken had te pakken te krijgen. Ik las veel boeken en tijdschriften en stak daar behoorlijk wat van op. Omdat er ook op hengelgebied in Nederland nog niets te verkrijgen was, experimenteerde ik met een zware top van een meervalhengel. Om de juiste oogverdeling en lengte van het handvat te bepalen, zaten de ogen en de reel met tape vastgeplakt. Hoewel achteraf veel te zwaar, ving ik mijn eerste jerkbaitsnoeken met die hengel. Nou, toen was helemaal het hek van de dam. Ik was in mijn enthousiasme door het dolle heen. Vindt u het gek? Ik had een sleutel gevonden waarmee een schatkamer vol avontuur was geopend.

Natuurlijk vertelde ik mijn vismaten over mijn eerste succesjes. De meewarige blikken die ik eerder waarnam, veranderden in enthousiaste gezichten. En met behulp van mijn vismaten kwam alles in een ware stroomversnelling. Er werden volop jerkbaits besteld, stangen gebogen en hengels gebouwd. Een periode van veel experimenteren brak aan. Meerdere malen heb ik hengels tijdens het werpen van zware jerkbaits uit elkaar zien spatten. Vooral topdelen van zware karperhengels bleken ongeschikt om zware jerkbaits te werpen. Een bijzonder leerzame periode, want we ontdekten ook de verschillen tussen de gliders en divers en tussen de manieren waarop je een jerkbait kunt binnenvissen. Maar we ontdekten ook dat er veel, ja heel veel jerkbaits bestaan waarmee het slecht vissen is. Jerkbaits waar nauwelijks enige actie in zit en waarvan de lak er vaak al na drie worpen af valt. Wat dat aangaat hebben we behoorlijk wat leergeld betaald. Veel Amerikaanse jerkbaits zijn ook belachelijk groot en zwaar. Je moet je dan helemaal in het zweet werken om er nog wat actie uit te halen. En wie verwacht dat een kleinere snoek nog wat doet met van zware gewicht in zijn bek, die komt bedrogen uit. In zo’n geval maakt een lichte of zware hengel geen ene moer uit. U gelooft mij niet? Gaat u dan zelf maar eens een kwartiertje hardlopen met een mud aardappelen op uw schouder.

                       


”Kwaliteit van eigen bodem. V.b.n.b.: Slider, Booner, Torob, Tukker en Halve Liter.”

Om toch nog enige sport te hebben tijdens de dril van een kleinere snoek, moeten we dus jerkbaits gebruiken die niet te groot zijn. Gelukkig is er een aantal mensen dat begrijpt hoe een goede jerkbait eruit hoort te zien. Veel van die goede jerkbaits - het zijn soms ware meesterwerkjes - komen echter niet uit Amerika, maar worden in ons eigen landje gefabriceerd. In korte tijd hebben deze jerkbaits tot over de grens een reputatie opgebouwd waar je U tegen zegt. De jerkbaits van Rob Kraaienveld, André Koehoorn en Arjan Willemsen zijn in Zweden ware collector’s items. Het is al zo erg dat men de jerkbait van deze heren in het buitenland kopieert. Een mooier compliment kun je niet krijgen, dacht ik zo.

Het volledige artikel met de uitgebreide beschrijvingen van de diverse jerkbaits en nog meer wetenswaardigheden kunt u vinden in Dé Roofvis nr. 39, dat vanaf volgende week te koop ligt in de betere hengelsportzaak of boekhandel/kiosk. U kunt natuurlijk ook abonnee worden, dan krijgt u ieder nummer automatisch thuisgestuurd. Klik hier voor meer info.