Dé Roofvis no. 80: Creatief met Rubber (2)

Dé Roofvis no. 80: Creatief met Rubber (2)

Rubber verbeteren

Door Berthil Bos

Wat nu als je het rubber dat je al in je aasdozen hebt en dat qua actie en dus attractie niet bleek te voldoen alsnog dezelfde actie wilt geven als de shad en twister die ik hierboven omschreef? Hiervoor kun je een paar trucjes toepassen. Eén ervan is het koken van een te stugge shad om de weekmakers in het rubber te activeren.


Gaten in de sikkelstaart geven extra signalen af…

Nadat je de shad ongeveer drie minuten in een pannetje met water hebt laten koken, zul je zien dat niet alleen de shad soepeler is, maar dat ook de staartschoep weer volledig recht achter het lichaam hangt. Dit is bij het meeste rubber in de winkel niet standaard het geval. Met een smalle lange onthaaktang kun je in de staartwortel verder wat inkepingen knijpen.

Hierdoor beweegt de staart nog soepeler. Met deze behandeling kun je stijf rubber aan de praat krijgen. Ik plaats de inkepingen echter bij al mijn shads, omdat ze de schoep altijd recht achter het lijfje laten hangen, ook als de shad een tijdje in de verdrukking heeft gelegen.


... aan bijtgrage snoeken.

Ook bij een grote twister kun je door wat ingrepen het kunstaas op de juiste manier door het water laten lopen. De twister krijgt als het goed is, door de sikkelstaart een licht flankende actie. Om dit te verkrijgen en om voldoende drukgolven te produceren, moet de staart stevig zijn maar beslist niet stijf. Hij mag niet te uitbundig zwabberen.

Ben je in het bezit van een stijf stukje rubber of wil je een twister meer actie geven, dan kun je met een verhit rond koperen buisje een aantal gaten in de sikkel drukken. Hierdoor krijgt het water vat op de staart en glijdt het niet zomaar langs het stugge plastic. De staart zal nu soepeler door het water gaan en al bij een lage snelheid actie vertonen. Bij de Sandra, één van de toppers onder de grote twisters, heeft de fabrikant dergelijke gaten al aangebracht. Dit aasje heeft al heel wat grote snoeken verleidt.

Een twisterstaart kan echter ook te zacht en te soepel zijn. Hierdoor zwabbert hij weliswaar, maar geeft hij de actie niet door naar het twisterlijf. De drukgolven die een snoek uiterst attent maken, komen niet goed door. De soepele twister is daardoor wat minder gewild.

Door wat knutselwerk aan de ‘good old’ Bulldawg heb ik geleerd hoe je het te soepele rubber weer die extra vangkracht kunt geven. De eerste Bulldawg waarmee ik erg succesvol was, had een behoorlijk slappe staart maar was tegelijk erg taai.

De rubbersoort was echter redelijk taai. Er was in die tijd maar een beperkt aantal kleuren te krijgen. Op zich was dit geen probleem. Ik viste toch alleen maar met de zwart/rode uitvoering, die het overal wel deed. Het was immers een nieuw aasje.

Een aantal jaren later kwam Muskie Innovations met een vernieuwde serie op de markt, in allerlei mooie kleuren. Ik schafte er snel een aantal van aan. Maar hoe mooi die kleuren ook waren, de vangsten bleven in vergelijking met de oude serie achter. Ik heb de twee soorten naast elkaar gelegd en kwam tot de conclusie dat er bij beide versies vooral de uiteinden van de staarten erg van elkaar verschilden.

De oude Bulldawg had aan het einde van de staart een uitloper van ongeveer 3 cm, die haaks op de staart stond. Bij de nieuwe ontbrak juist dit uiteinde en het rubber was tevens stugger. Ik heb het uiteinde van de nieuwe Bulldawg dubbelgevouwen en met een kleine opening ertussen vastgesmolten. Hiermee probeerde ik meer weerstand op te staart te krijgen en daarmee een betere actie.


De bovenste Bulldawg is aangepast, pakt nu meer water en heeft daarmee duidelijk aan vangkracht gewonnen.

Deze kleine ingreep resulteerde meteen al in een beter vangend stuk rubber. Ik pas hem nog steeds toe bij twisters met een smalle, slappe staart zonder een water vangend eind. Vraag je bij de aanschaf van rubberen of ander kunstaas altijd af waarom het aasje een vanger is. Die wetenschap kun je dan benutten bij de presentatie ervan.


Dergelijke inkepingen bij shads of watervangers bij twisters, geven het kunstaas meer leven.

Combineren
Nu je weet waar goed rubberen kunstaas aan moet voldoen en je het zelf kunt aanpassen, gaan we een stapje verder. Normaal gesproken is een goede shad of twister bij een correcte presentatie, attractief genoeg. Toch kan een kleine wijziging in de presentatie van rubber het verschil maken.

Zo is het in bijvoorbeeld troebel of druk bevaren water verstandig als je aas extra opvalt. En dan heb je ook nog het water dat onderhevig is aan dressuur, waar vooral de grotere vissen het vaak laten afweten. Die zitten er nog wel, maar ze kunnen je bijna vertellen welk soort kunstaas er voorbijzwemt en waar je die het voordeligst kunt kopen…

Op dat soort water verlaat ik in eerste instantie de gebaande paden om mijn succes te verhogen. Een kunstaasje dat niet dagelijks voorbij komt, kan al wonderenverrichten. Met eenvoudige trucjes kun je echter ook een bewezen shad en/of twister een nieuwe uitstraling geven.

Allereerst kun je door twee stukken rubber met elkaar te combineren, iets geheel anders krijgen. Zo kun je een twisterstaart aan een shadlijfje bevestigen, waarbij je natuurlijk wel de verhouding in de gaten moet houden. Als je hierbij ook nog eens twee contrastkleuren gebruikt, dan heb je iets dat zeker de aandacht trekt. Juist door deze contrasten lijkt het rubber onder water kleiner.

Je vist hierdoor minder selectief, terwijl het aas wel grote signalen doorgeeft. Met twisters waarvan je de staarten verwisselt, bereik je een soortgelijk effect. Voor dit soort koppelingen bestaat een speciale lijm. Ik smelt de onderdelen echter liever aan elkaar. Dat doe ik met een gasvlam, waarna ik de uiteinden op een vlakke plaat tegen elkaar druk.

Het ziet er niet zo vlekkeloos uit en het vergt enig oefening, maar je krijgt er een enorm sterke verbinding mee. Dezelfde techniek gebruik ik voor het inkorten van shads met een hoog profiel van 23 naar 18 cm. Ik snijd gewoon het middenstuk eruit, waardoor de shad compacter wordt en zich beter laat werpen. Het belangrijkste effect is echter dat het aas veel uitbundiger flankt door de grote schoep en het naar verhouding nog hogere profiel.

Een drastische ‘chirurgische’ ingreep die een totaal andere actie aan de shad geeft, noem ik het parachutesysteem. Ik snijd een stukje staartwortel weg en zet op deze plaats een wartel. Vooral bij het werpend vissen met lichtere loodkoppen maakt deze montage soms het verschil.

Henk Simonsz beschrijft deze montage in zijn nieuwe boek Shad-Power. Ik gebruik alleen grote shads en een andere montage van de wartel dan Henk omschrijft, om bij staartbijters de schoepstaart te behouden.


Het parachutesysteem.

Deze montage gaat als volgt:

     
  • Verwijder een stuk staartwortel met de lengte van de tonwartel,
  •  
  • bevestig aan beide wartelogen een zelfgemaakt spiraaltje van dun pianodraad. Hoe wijd of hoelang hangt af van de shad, maar drie tot vier wikkelingen zijn meestal voldoende,
  •  
  • bevestig vervolgens lijfje en schoep aan elkaar met de spiraaltjes. Je hebt nu een shad met een unieke actie, die niet zomaar zijn staart weggeeft.

Zoals ik al zei, staat deze montage in het nieuwe boek van Henk, dat uitsluitend gaat over het vissen met rubber. Dit boek zou je als serieuze kunstaasvisser zeker moeten aanschaffen.

Bij mijn laatste trucje hoef je niet te snijden of te smelten. Desondanks vergroot je de aantrekkingskracht van het aas. Ik noem het de flexibele spinnerbait-montage. Dit hulpmiddel maak je van één millimeter dik pianodraad, dat je dezelfde wijze buigt als een gewone spinnerbait. Op de plaats van de haak bevestig je een wartel/speldverbinding waaraan de shad of twister komt.


Deze twee flexibele spinnerbaitmontages trekken onder water veel aandacht.

De wartel zorgt ervoor dat het rubber kan blijven flanken. Buiten het traditionele spinnerblad, kun je op deze plaats bijvoorbeeld ook een klein twistertje monteren met behulp van een zelfgemaakt spiraaltje. Met een rubbercreatie aan een loodkop ziet de flexibele spinnerbait er in het water uit alsof een rover achter een aasvisje aan jaagt.

De extra trillingen zullen ervoor zorgen dat het spreekwoord ‘en de derde gaat ermee heen’, uitkomt. Zorg ervoor dat je dit hulpmiddel in diverse gewichten bij je hebt. Zo kun je zo nodig de opwaartse druk van het spinnerblad opheffen en/of de visdiepte regelen.

Door het verdelen van de loodverzwaring over de loodkop en de flexibele spinnerbait, wordt het geheel flexibeler, waardoor de shad meer actie krijgt. De verdeling heft bovendien de hefboomwerking op, die zware loodkoppen veroorzaken en waardoor de snoek het aasje kan losschudden. Zo, genoeg inspiratie om zelf thuis ook eens creatief met rubber aan de gang te gaan!


Ook snoekbaars reageert op het flexibele spinnerbait-systeem.

Berthil Bos

Eerder verschenen: deel 1 van Creatief met Rubber.

Bovenstaande bijdrage is één van de weer zeer lezenswaardige artikelen die zijn terug te vinden in het in de tweede week van oktober verschijnende nieuwe nummer van Dé Roofvis.

klik om naar hengelsporthuis.com te gaan

Voor meer informatie over o.a. een zeer aantrekkelijke abonnementsaanbieding op dit specialistische magazine, zie www.hengelsporthuis.com