Column 66 Frankrijk-Nederland

Golumn 66

Frankrijk-Nederland

Door Jan van Schendel

Afgelopen weekend vond in het Franse Coudecercke, een klein stadje vlakbij Duinkerken, de eerste editie plaats van deze voor ons nieuwe interlandwedstrijd. Wat een prachtig en ook leerzaam weekend is het geworden voor werkelijk iedereen die hierbij betrokken was.

Alweer bijna 2 jaar geleden spraken we al af om deze interland te gaan vissen en wel op een jaarlijkse basis. Prima natuurlijk voor ons, want al van oudsher is Frankrijk een van de absolute toplanden in het zoetwater wedstrijdvissen. Door dit soort ontmoetingen worden onze vissers automatisch beter, dat kan bijna niet anders.

Van elkaar leren
Met allerlei volle agenda’s voor beide teams duurde het dan toch nog tot afgelopen weekend voor we ook echt deze wedstrijd voor het eerst visten. Het ‘format’ van de wedstrijd is al heel mooi wat mij betreft. We vissen met teams van 7 vissers: 5 senioren en ook 2 junioren.

Verder is alles heel simpel; we vissen 2 dagen en het bezoekende land mag vragen om een bepaald soort visserij waarop dan verder alles wordt georganiseerd.

Het ontvangende land regelt verder alles, het verblijf, maar ook aas en voer. Eerst een trainingsdag voorafgaand aan de wedstrijddagen en verder een open communicatie tussen beide teams, alles met het doel voor ogen om iedereen er zo veel mogelijk van te laten leren.



Wij hadden gevraagd natuurlijk naar een visserij die gericht was op de specialiteit van de Franse vissers, een zogenaamde ‘technische’, lees moeilijke en precieze, visserij en zo visten we deze eerste editie op een heel klein kanaaltje wat dwars door de stad liep en met een parkoers dat speciaal voor het wedstrijdvissen is aangelegd. Sterker nog, men was nog bezig met het aanleggen ervan zelfs aan het einde van het parkoers.

Trainingsdag
Op de vrijdag was de trainingsdag gepland en men had alles werkelijk prima voor elkaar. Aas, voer en leem werden in gelijke mate verstrekt aan beide teams en we beslisten dat de teams niet apart maar ‘om en om’ zouden oefenen. Er werden wat voorns en baarzen gevangen en tijdens de trainingsdag ook wat brasems, vissen trouwens die we tijdens de wedstrijden niet meer zouden zien.

Ik heb als coach natuurlijk het perfecte vergelijkingsmateriaal als ik tijdens het vissen langs de oevers loop. Zo is het eigenlijk meteen duidelijk te zien waar het verschil zit tussen beide teams bij dit soort visserij. Wij visten fijn en precies, maar wat wij daarmee bedoelen is nog wel echt wat anders dan wat men daar in Frankrijk mee bedoelt.

Laat ik het zo omschrijven, daar vist men superfijn en precies. Altijd met zo lichte dobbertjes als maar mogelijk is en met bijbehorende dunne snoertjes natuurlijk en kleine haakjes.

Je kan echt heel goed zien dat waar wij altijd weer gokken op ‘die enkele brasem die dit soort wedstrijden toch wel weer beslist’, zij altijd weer zoeken naar die paar visjes extra die daar waarschijnlijk de wedstrijden beslissen. Behalve de voermanier was ook de vismanier bijzonder interessant.

Constant ‘liften’ en weer laten zakken van het aas aan de haak leverde absoluut meer aanbeten op en juist daarin bleken de Franse vissers werkelijk meesters. Tijdens de trainingsdag kwam dit eigenlijk ook tot uiting. Wij vingen al met al zeker zoveel vis, zeker qua gewicht. Zij vingen die paar visjes meer, wij vingen dan weer de meeste brasems die werden gevangen.

Wedstrijddag 1
Op de eerste wedstrijddag kon je tijdens de eerste wedstrijdhelft amper een verschil zien tussen beide teams. Daarna werd dit anders en tijdens die tweede helft vingen de Fransen zeker 70% van de vissen die nog werden gevangen. Net wat geraffineerder voeren met kleine beetjes leem of voer met muggelarven maakte het gehele verschil en vaak ook net iets lichter vissen.

Feit is dat we uiteindelijk nog flink verloren. Ik had dat misschien vooraf wel ingecalculeerd maar na 2 uur wedstrijd zeker niet meer. Uiteindelijk was de uislag meer dan duidelijk met 44 punten voor Frankrijk tegen 61 punten voor ons. Thijs Lupsen won trouwens individueel met 1780 gram, zo’n 50 voorns en baarsjes.

Nog lichter…
Ook tijdens de tweede wedstrijddag was het verschil tussen de eerste en tweede wedstrijdhelft bij ons weer groot. In die eerste helft kwamen we, bij een nog moeilijkere visserij als de dag ervoor, goed mee en daarna waren verreweg weer de meeste vissen voor de Fransen.

Het verschil was uiteindelijk nog wat groter dan op de eerste dag met nu 39 tegen 66 punten in het voordeel van de Franse ploeg. Nu werd nog lichter gevist dan op de dag ervoor. Waar op de eerste dag nog dobbertjes van 0,4 en 0,6 gram werden gebruikt werd nu soms zelfs gevist met 0,2 en 0,15 gram.

Eerlijk is eerlijk, we kwamen hier ruim te kort tegen een fantastische tegenstander. Natuurlijk, dit is wel een internationale wedstrijd en die win je liever dan dat je hem verliest natuurlijk. Toch kan ik best leven hiermee. Ik weet absoluut zeker dat iedere Nederlandse visser die hierbij betrokken was, ervaren of nog niet, hier heel veel van geleerd heeft en juist daarom gaat het.

Complimenten voor onze Franse tegenstanders ook. Men begreep perfect het idee achter deze wedstrijd en zo zag ik heel wat vissers van ons in gesprek, of in ieder geval in contact met die van hen en zonder problemen werd alles uitgelegd. Tja als we daar niet van leren dan weet ik het niet meer.

Geweldige Organisatie
Nog even iets over de organisatie van deze wedstrijd, die was werkelijk geweldig! Ik heb al vaak WK’s en EK’s meegemaakt die veel minder waren georganiseerd. Een officiële opening en ook prijsuitreiking in het gemeentehuis met allerlei belangrijke mensen daarbij aanwezig, eten na afloop van training en wedstrijd en ook nog eens na afloop van de prijsuitreiking. Echt fantastisch!

Zeker een prachtig en leerzaam visweekend voor iedereen die hierbij betrokken was. Oke, een behoorlijk grote nederlaag maar wel een waar we in de toekomst nog veel profijt van gaan hebben bij dit soort visserij, dat weet ik zeker.

Jan van Schendel